Bestanden worden, voordat ze naar de Backup Server worden verstuurd,
gecomprimeerd en versleuteld door het ingestelde codeer algoritme,
de modus en de sleutel. De volgende tabel geeft uitleg over de mogelijke
codeer instellingen voor een backup groep.
|
Parameter |
Omschrijving |
|
Algoritme |
Deze parameter definieert het codeer algoritme dat wordt gebruikt
voor het coderen van de backup bestanden. Er zijn drie codeer algoritmes
beschikbaar: |
| |
| [AES] |
Advanced Encryption Standard algoritme |
| [DESede] |
Triple DES algoritme |
| [Twofish] |
Twofish algoritme |
|
| |
Geadviseerd wordt om het AES algoritme te gebruiken, aangezien
dit algoritme is gekozen als codeer standaard voor commerciële toepassingen. |
|
Modus |
Deze parameter definieert de codeer modus die gebruikt wordt
voor het coderen van de backup bestanden. Er zijn twee soorten codeer
modus beschikbaar: |
| |
| [ECB] |
Electronic Cook Book modus |
| [CBC] |
Cipher Block Chaining modus |
|
| |
Geadviseerd wordt om de CBC modus te gebruiken, aangezien
deze modus betere beveiliging biedt. |
|
Codeersleutel |
De sleutel die wordt gebruikt voor het coderen van alle bestanden
binnen een backup groep. Schrijf deze sleutel
op en bewaar deze op een veilige plaats. Indien de sleutel verloren
gaat is het onmogelijk om de bestanden te herstellen vanuit de gecodeerde
backup bestanden. |